Schrijftips die ik leerde van de Tour de France
‘Brenda, je bedoelt die drie-weken-durende-fiets-ellende?’
‘Ja, absoluut!’
De Tour de France is al lang voorbij maar de wielrenners gaven je onbedoeld een schat aan schrijftips. Meerdere keren bekeek ik een touretappe met schrijversogen. Daar leerde ik veel van. Toen ik werkte aan mijn boek In Spanje schijnt altijd de zon heb ik overigens ook veel aan het wielrennen gehad. Niet in de laatste plaats omdat ik mezelf graag aantrof op de racefiets om een leeg hoofd te krijgen (met dank aan Albert van wielrenvakantie.nl).’
Hieronder 5 tips en overeenkomsten die ik rechtstreeks uit de wielrennerij overnam!
 

Schrijftip 1 – Voorbereiding is alles

Er is geen wielrenner die aan de Tour meedoet zonder zich gedegen voor te bereiden voor deze belangrijke drieweekse wielerwedstrijd van, mind you, minimaal drieduizend kilometers en de nodige hoogtemeters. Ze gaan ervoor op hoogtestage in de Sierra Nevada (Mollema, Valverde) of gaan trainen in Canada (Ten Dam).
 
“En vergeet niet dat ze daar weken niets anders doen dan trainen, eten, slapen: dat geeft óók een impuls. Drie weken nadat ze van de berg komen zijn ze op hun best.” [sportnieuws.nl]

Schrijftip 2 – Zorg goed voor jezelf 

Kijk, de wielrenners in de Tour hebben een verzorging van heb ik jou daar. De trainer, een kok, voedingsdeskundige, technici, mensen in de volgauto; prachtig als je je dat allemaal kunt veroorloven. Zoiets als een schrijfcoach, de redactie, de eindredacteur, de opmaker, de literair agent. Leuk als de uitgeverij dat allemaal voor je doet, maar als je zelf je boek publiceert, kost dat de wereld. En niet iedereen heeft die luxe. Dus pak eruit wat jij het belangrijkste vindt voor jouw schrijfreis want een boek schrijven, kost nu eenmaal geld, tijd en energie.
 
Het is ook anders te regelen.
 
Steek net als de amateurwielrenner een banaan in je achterzakje en ga met een paar goedgevulde bidons op weg. Of, een goed alternatief, doe het in groepsverband. Doe mee aan verzorgde events, dan staan er allerlei posts onderweg om je te begeleiden en is er een bezemwagen. Hoe dan ook, zorg goed voor jezelf en voor de juiste mindset 
[ lees ook de blog met 6 eerlijke tips voor schrijfinspiratie van Julia Cameron ]
 

Schrijftip 3  – Vier successen 

Schrijvers vergeten het dikwijls: successen mag je vieren. Na maanden achtereen achter een bureau te hebben gewerkt aan je verhaal zou je bijna vergeten dat er nog een buitenwereld is. De Tour is dan wel 3.000 kilometer lang, maar de etappes zijn overzichtelijke stukken van pak ‘m beet 150/200 kilometer (ho, ho, nee, ik doe het ze niet na, maar voor de getrainde wielrenner is het te doen). En elke etappe staat er een winnaar op het podium met een fles champagne en twee knappe dames naast zich, klaar om het moment te laten vereeuwigen door de fotograaf. Kijk! Dat is succes vieren.
 
Vier je succes dus ook als hoofdstuk 1 af is. Als hoofdstuk 5 klaar is. Als de eindredactie is gedaan. Als je je cover ontvangt. Elke etappe van je boek is er één.
 

Schrijftip 4 – Betrek je fans

Wielrenners hebben onbewust een grote kunde ontwikkeld: ze zijn open over hun wel en wee. Misschien was dat hard nodig na al die dopingschandalen, die groot in de kranten stonden in 1998 en 2008 (lees hier meer ). Delen wat je meemaakt en hoe wedstrijden gaan: als iemand het doet, is het Mollema. Hij weet zijn fans te betrekken. Kijk alleen al wat hij op Twitter en Facebook post. Dat is niet alleen voor de fans leuk, hij zelf heeft ook direct contact met zijn supporters die hij hard nodig heeft bij de etappes waar het minder soepel gaat.
Ook Bram Tankink is er te vinden (met zijn hilarische avonturen) net als Dumoulin of Degenkolb. En natuurlijk Dylan Groenewegen.
 
“Fantastische & legendarische zegetocht. Twee etappes achterelkaar winnen is meer dan bijzonder. Naast de groene trui geloof ik ook, binnen nu en vijf jaar, in een wereldkampioenschap! [een fan over Groenewegen op zijn Facebookpagina]
Supporters zijn broodnodig bij het schrijven van een boek. Vooral als het even niet wil. En sociale media zijn er fantastisch voor!
 

Schrijftip 5 – Einddoel voor ogen houden

 Mee mogen doen aan de rit van drieduizend kilometer is mooi, maar ook de hel als er al 2500 kilometer in je benen zit, als je bent gevallen of een specifieke etappe hebt verloren. Dan zijn die laatste loodjes echt het zwaarst. Tergend. En toch gaan ze door. Tot het gaatje, zelfs als ze niet meer kunnen. Je dan ook nog van je beste kant laten zien. Trappen, trappen, trappen! Juist nu. Want het einddoel, dat is Parijs, de Champs-Élysées in het hart van de stad. Wilskracht, wauw, daar ontbreekt het niet aan.
 
De eerste Nederlandse Tourwinnaar was Jan Janssen uit Nootdorp. Janssen werd niet gezien als een van de grote talenten in de wielersport, maar stond bekend om zijn ijzeren wil en doorzettingsvermogen. [isgeschiedenis.nl]
De bonus schrijftip: Herpak je!
Weet je het nog, het poepincident van Dumoulin? Kijk dit interview (gène of toch niet, hij weet zich goed te herpakken). Of Bram Tankink die vergat te starten (iedereen was al weg en hij stond nog in gesprek met de journalist, oef!)
Extra leuk nu: het wielerboek van Laurens ten Dam.
 
 
Ben je bezig met het schrijven van je levensechte verhaal? Super! Meld je dan ook aan voor de gratis online schrijfcursus! Of nog beter: kom naar de workshop ‘Je boek schrijven #hoedan’ op 6 oktober in Haarlem.